Categorie: Natuurbeleving – Experiencing Nature

Onder de Beuk in Maart

Onder de Beuk in Maart

Ja, in maart…
Een maand waarin je tegen beter weten in toch hoopt dat het echt lente-achtig wordt in de tuin…
Een maand waarin je een week met griep en koorts binnenshuis (en vanachter de computer weg) blijft…
Een maand waarin alles in de tuin zo traag, zo tergend traag verandert… Lees verder “Onder de Beuk in Maart”

Bloemen – Een Lijstje voor de Lente

Eigenlijk stond dit lijstje klaar om gepubliceerd te worden vrijdag dus. De bloemen die bloeiden op de eerste dag van de metereologische lente…
Maar de problemen met mijn website zorgden ervoor dat alle berichten die ik na de overstap naar een andere hostingprovider in het virtuele niets verdwenen waren.
bloemen ♀ en ♂ van Corylus avellana - Gewone hazelaarDe reeds gepubliceerde kon ik recupereren, maar de kladjes niet…

Een lijstje van bloeiende bloemen en planten op 1 maart dus…
Dat heb ik in het verleden al vaker gedaan, en het is verrassend om te zien hoe verschillende die lijstjes zijn:
In 2010 was het een koude winter, en de ‘oogst’ op 1 maart viel toen erg tegen… Behalve verschillende soorten krokus en sneeuwklokje was er nog niet veel van bloei te zien in de tuin.
Precies 5 jaar geleden daarentegen, was het lijstje gevoelig langer. Toen bloeiden er al een paar soorten narcissen, en bloesemden de kerspruim en de mirabel. Trouwens, op 1 februari 2008 noteerde ik al groot hoefblad, tuinjudaspenning…

Maar terug naar 2013…
Lees verder “Bloemen – Een Lijstje voor de Lente”

Gerecycleerde pannenkoeken…

Nee, ik ga niet zo ver om de pannenkoeken die vorig jaar met Lichtmis niet werden opgegeten nu dan maar tevoorschijn te halen en alsnog te verorberen (Waar zou ik ze vandaan halen? niet opgegeten pannenkoeken, dat is zowat een contradictio in terminis…)

Maar het viel me op, dat er vandaag weer heel veel bezoekers naar mijn berichtje van vier jaar geleden over pannenkoeken en Lichtmis surfen.

En dus ging ik zelf nog even lezen wat ik toen meende te moeten verkondigen… en dus vond ik dit stukje de moeite waard om nog eens even onder jullie ogen te stoppen, vooral het laatste zinnetje vond ik op dit ogenblik wel passend!

Lichtmis, Imbolc, Oimelc heeft ook een ander gezicht dan alleen het hoopvolle begin van het nieuwe groeiseizoen. Voor onze voorouders was de maand februari een harde maand. Het was weliswaar het einde van de winter, maar ook een tijd dat de voorraden waren geslonken en de nieuwe oogst nog niet in zicht was. Een tijd ook, waarin het risico op winterepidemiën en gebreksziekten zoals scheurbuik groter werd.
Bovendien was februari vaak ook ruim zo koud als december en januari: in de voorgaande maanden kon de nabijheid van de zee (die een groot warmtereservoir is) de winterprikken nog milderen en waren die dus doorgaans van korte duur. Als het echter in februari ging vriezen, was er vaak sprake van langduriger en strengere vorst, omdat de zee intussen ook meer was afgekoeld.

Bollendorf

(To English text)

Fraubillenkreuz
Fraubillenkreuz
Een weekje herfstvakantie, en een paar dagen weggeweest… Natuurlijk net op de twee minste dagen van de week, waardoor de mooiste dagen overbleven om in de tuin bezig te zijn.
We gingen naar Bollendorf, in de zuidelijke Eifel. De regio was vooral in cultuur-historisch opzicht een verrassing.
Tijdens een wandeling van zo’n 15 km kwamen we immers eerst langs de ‘Kiesgräber‘, een Gallo-Romeinse begraafplaats, later langs grafheuvels uit de jongste bronstijd en de Wikingerburg, een Keltisch verdedigingsbolwerk, met echter nog veel oudere fundamenten.
Maar het meest indrukwekkend was het Fraubillenkreuz.
Dit kruis, mooi gesitueerd (allicht niet toevallig) op een kruispunt van wandelwegen, is een Keltische menhir van zo’n 3.5 m hoog, daterend uit het Neolithicum. Later, waarschijnlijk omstreeks de 8ste-9de Eeuw, is de steen omgevormd tot een kruisbeeld, volgens de legende door Ierse missionaris Sint Willibrord.
Lees verder “Bollendorf”

Wit – Frost

Het weerbericht had het nog niet voorspeld, maar toen ik vanmorgen in het halfdonker de kippen ging voeren, zag het gras toch verdacht wit.
En inderdaad, onderweg naar mijn werk werd bij de opkomende zon duidelijk wat ik al vermoedde: aan de grond had het vannacht duidelijk wat gevroren.
Ik hoop dus vanavond nog even de tuin in te kunnen om te zien wat dat teweeg heeft gebracht.  Gggggrrrr… Ik had die butternut-pompoenen dus beter toch maandag geoogst!

It wasn’t really promised yet, but when I went outside to feed the chickens this morning, the lawn looked suspiciously white.
Indeed, although the weatherforecast only predicted frost for the saturdaynight, we definitely had our first groundfrost last night.
It was too dark before going to work, so I hope I’ll be home a bit early tonight, to have a look at what the cold did to my garden.
(I really should have harvested my butternut squashes last monday…)

Barvaux en omgeving

De combinatie van warm zomerweer en de Natuur.gids die het meest recente nummer van natuur.blad (het tijdschrift van natuurpunt) vergezelde, lokte ons vandaag naar buiten.
De laatste editie van de natuurtochten-gids van natuurpunt is ontstaan in samenwerking met de Waalse tegenhanger Natagora, en dus vind je er dit jaar ook wandelingen in die je in de zuidelijke landshelft kan maken.

Wij trokken dus naar Barvaux, om vandaaruit een lusvormige wandeling naar Durbuy te maken.

Lees verder “Barvaux en omgeving”

Moord tussen de bloemen…

Toen ik vanmorgen op stond was het – tegen mijn verwachting in – zonnig en droog, ideaal dus om de bloemenweide voor de tweede keer te maaien. Bovendien gaan in de loop van de volgende weken de herfstkrokussen stilaan bovenkomen, en voor die tijd moet de weide gemaaid zijn.
Jarenlang heb ik de tweede maaibeurt met de grasmachine gedaan, maar sinds ik in de zomer op een workshop de techniek van het zeisen echt onder de knie gekregen heb, is dat helemaal mijn favoriete tuin-ontspanning geworden, en ging ik dus met mijn zeis aan de slag.

Cordyceps militaris | Rupsendoder
Cordyceps militaris | Rupsendoder
En tijdens het maaien ontdekte ik op verschillende plaatsen tussen het gras opvallende oranje zwammen.
Ik dacht eerst dat het een of andere knotszwam was, omdat ze me qua vorm erg deden denken aan de pijpknotszwammen die ik hier in het najaar wel eens tegenkom.

Maar op het forum van waarneming.nl werd me al vlug verteld dat het geen knotszwam, maar een rupsendoder was. En geef toe, zo’n naam spreekt tot de verbeelding!

Zoals je al zou kunnen vermoeden, gaat het hier om een parasitair zwammetje, dat leeft op poppen van insecten, vooral van vlinders en motten. Als je even zoekt naar afbeeldingen van deze zwam, zie je dan ook heel veel foto’s waarop je het zwammetje duidelijk op een pop ziet groeien.

Nieuwsgierig ging ik dus terug op zoek naar de paddenstoeltjes, maar op het eerste gezicht kwamen die gewoon uit de grond.
Pas toen ik in de bodem ging wroeten, ontdekte ik aan de onderkant van de zwam inderdaad een ‘dingetje’ dat ik als een doorwoekerde pop kon herkennen, maar dat ik vroeger zeker als een vermolmd takje zou hebben beschouwd.

Zo’n zwammetje als dit, dat groeit op levende insecten, noemt men met een duur woord een “entomogene” soort. Een ‘besmette’ larve of pop wordt door het mycelium (zwamvlok) van de paddestoel gekoloniseerd en gemummificeerd, maar tegelijk nog net zolang in leven gehouden dat er genoeg biomassa aanwezig is om de zwam toe te laten uit te groeien tot de eigenlijke paddenstoel, het sporenfabriekje.

In Costa Rica zou een verwante soort leven, de Cordyceps lloydii (klik echt eens op de link om de foto te bekijken!). Die zwam leeft van mieren. Wanneer een mier door de schimmel besmet is, wordt er een scheikundige stof afgescheiden die de mier de onweerstaanbare dwang bezorgen om tot helemaal boven in het bladerdek van het regenwoud te klimmen waar hij door schimmeldraden aan de bladeren vastgehecht raakt. De paddenstoel schiet dan op uit de kop of het lichaam van de onfortuinlijke mier, waarna de sporen door de wind over flinke afstanden kunnen verspreid worden…

Jonge blaadjes – Young leaves

Lonicera periclymenum | Kamperfoelie - Honeysuckle
Lonicera periclymenum | Kamperfoelie - Honeysuckle
(to english text)

Natuurlijk heb je het zelf ook al eens opgemerkt: een vlierstruik of een kamperfoelie, die in het putteke van de winter met jonge blaadjes pronkt.
En misschien heb je je dan afgevraagd of de natuur nu helemaal in de war is?

Nee, gelukkig niet… Het gaat hier gewoon om twee exemplaren van het uitermate ongeduldige type.

De kamperfoelie is in meerdere opzichten een haantje de voorste: de eerste om bij het verstrijken van de zomer zijn blaren te verliezen, maar ook de eerste om – vaak al voor de winter goed en wel begonnen is – zijn knoppen alweer te laten uitlopen. En dat heeft ie nog niet zo slecht bekeken: op die manier kan hij bij het begin van de lente profiteren van elk straaltje zon, voor het bladerdek van de andere struiken zich boven hem sluit.
En de vlier, die heeft aan zijn nieuwe knoppen (die elke struik al in de herfst laat zien) zo’n losse en slecht omhullende schubben, dat de blaadjes er al heel snel uit komen piepen.

Young leaves

Of course you too, you have already seen this: an elder or a honeysuckle, proudly presenting it’s young leaves before winter is half, even when the world is covered with snow.
And maybe, you have been asking yourself, if nature was completely unsettled?

No, it isn’t… Those two plants are just of the impatient kind.

The honeysuckle always wants to be the first…. first to discard it’s leaves when summer is fading, first to show of – even before winter has truely begon – it’s new leaves. And probably that has a reason, too… This way, the honeysuckle can profit of every tiny sun-ray at the beginning of spring, take full advantage of the sunlight, before the leaves of the other shrubs and trees close the canopy above it.
The elder’s new buds on the other hand, have scales that only cover the new leaves loosely and partially, so it doesn’t take long before the leaves come out.