
De vingerhelmbloem, Corydalis solida, is één van mijn favoriete voorjaarsbloeiers. Ik heb het jaren geleden aangeplant onder de beuken, omdat de plant behoorlijk immuun schijnt te zijn voor konijnenvraat – en toen we hier pas woonden hebben die beesten hier lelijk huisgehouden. Stel je voor: je plant een paar honderd boompjes aan (formaat bosplantgoed), en daarvan wordt ruim driekwart compleet geringd door vraatzuchtige konijnen. (Overigens, van het overblijvende kwart heeft de helft het door het extreem droge voorjaar ook niet gehaald.)
Toen ik eind vorige week een lijstje opstelde, van wat er in de tuin bloeide, was er van de bloemetjes van het Maarts viooltje nog niet veel te zien. De hartvormige blaadjes kwamen te voorschijn, dat wel, maar knopjes, ho maar…
Prachtig toch, hoe de natuur in mekaar zit!