Gisteren vertelde ik al, waarom ik kleine ratelaar (Rhinanthus minor) wilde inzaaien in de bloemenweide.
Ratelaar is een eenjarige plant, en het zaad ervan blijft maar kort kiemkrachtig. Bovendien heeft het een koudeperiode nodig om te kunnen ontkiemen. Je moet het dus in de herfst meteen zaaien.
In ‘Making Wildflower Meadows’ beschrijft Pam Lewis dat er in de eerste jaren maar weinig van de ratelaar-zaden die ze zaaide, tot volwassen plantjes ontwikkelden. Dat veranderde echter toen ze een opvallend verschijnsel constateerde: in een bepaalde zomer verscheen er plots een smal lint van ratelaarplantjes op de plaats waar in het verleden een wissel van een vos (of een das) door de weide liep, en waar het gras door de langdurige betreding al ‘vanzelf’ wat minder dicht groeide.
Lees verder “De voorbereidende faze”


De maretak is echte een plant van de wintertijd. Want hoewel de plant ook in de zomer wel te zien is – het gelig-groene blad is toch weer net iets anders van kleur dan de gastheer-tint – vallen de bollen toch het best op in de kale wintersilhouetten. Het is dan ook niet gek, dat ook