Reizigers en Cosmopolieten V: De Teunisbloem (a)

Oenothera biennis - Teunisbloem.  Foto: David Edwards - Creative Commons LicenseIk kan me voorstellen dat mijn voorgaande stukjes over reizigers en cosmopolieten de indruk hebben gegeven dat al die zwervers aan het eind van het verhaal niet meer zijn dan lastige rakkers.

Toch zijn er zeker wereldreizigers die niet op zo’n algemene afkeuring moeten rekenen, en toen ik vorige week het stukje van Kruidje over de Teunisbloem las, bedacht ik dat die plant inderdaad ook een reiziger was die een plekje verdient in deze reeks. Al vlug merkte ik, dat ik zoveel te vertellen had, dat mijn berichtje erg lang zou worden. De informatie over het gebruik van de plant (heden en verleden) bewaar ik daarom voor een volgende keer.

De Nachtkaars

Als je een Teunisbloem in je tuin hebt, zou je er eens een keer op een zachte zomeravond voor moeten gaan zitten.
Je installeert je in een gemakkelijke tuinstoel, of in een gemakkelijk jogahouding, vlak bij de plant, en dan hou je de dikste bloemknop in de gaten. En plots zie je het wonder zich dan voltrekken: Op een bepaald ogenblik zwelt de knop wat op, vervolgens hoor je – als je heel goed luistert – een zacht pofje, en dan begint de bloem zich langzaam, statig te ontvouwen. Of eigenlijk niet zo langzaam, je ziet het hele proces zich voor je ogen onttrekken…
Ik las ergens, dat je het hele proces kan versnellen door even het puntje van de knop los te wrijven, maar voor mij heeft net dat wachten op het moment suprême zijn charme. Laat de bloem toch rustig op haar eigen ogenblik openkomen, overhaast dat niet, er is al zoveel haast in de wereld, maar kom zelf even tot rust, kom zelf even in het ritme van de natuur.

En dan staat daar die geopende bloem, bleekgeel, en helder oplichtend in ‘dat uur dat tussen dag en avond hangt’. En als je nog meer geduld hebt, moet je even wachten of de dagelijkse kostgangers van dit restaurantje ook vandaag komen opdagen: dat de bloem enkel ’s nachts bloeit (OK, de volgende dag is ze ook nog wel open, maar ziet er dan al een stuk rommeliger uit) heeft te maken met het feit dat ze vooral bestoven wordt door nachtvlinders (Is er iemand die weet of er vlinders zijn met een specifieke voorkeur voor deze bloem?).

Enkele soorten en hun herkomst

De meeste teunisbloemen zijn afkomstig uit Noord-Amerika, met uitzondering van bijvoorbeeld de Oenothera rosea en de Oe. acaulis, die uit Zuid-Amerika stammen.

De Middelste teunisbloem (Oe. biennis) is wellicht het best bekend, omdat uit haar zaad de teunisbloemolie, die rijk is aan gamma-linoleenzuur, wordt gewonnen. De plant werd vanaf het begin van de 17de eeuw in Europa ingevoerd, en zou aanvankelijk als groente zijn gekweekt (daarover een volgende keer meer).

De teunisbloem die in onze streken het meest voorkomt, is de Grote teunisbloem (Oe. erythrosepala), en dat is ook de soort die je het vaakst in tuinen vindt. De grote teunisbloem heeft wat rood aangelopen kelkblaadjes (erythrosepala betekent: ‘roodkelkig’, en heeft ook roodachtige vlekjes op de stengel. Bovendien zijn de kroonbladeren wat langer dan die van de Middelste teunisbloem (minimaal 3,5 cm).
De Kleine teunisbloem werd ook vanaf de 17de eeuw (vanuit Canada) in Europa ingevoerd, en is het meest algemeen in de duinen. Ze heeft kroonblaadjes die niet langer zijn dat 2 cm.

De andere soorten teunisbloem komen over het algemeen niet in het wild in Belgëvoor. In Nederland groeit op de Waddeneilanden nog wel de Zandteunisbloem, en hier en daar zou de Argentijnse teunisbloem en de Slipteunisbloem groeien, maar die worden beschouwd als adventiefplant, niet als planten die in de inheemse flora zijn ingeburgerd zoals de hierboven genoemde.

Etymologie

Ik ben nog steeds nieuwsgierig naar de herkomst van de officiële Nederlandse naam van dit geslacht, ‘Teunis’bloem, maar ik heb tot nu toe geen verklaring kunnen vinden. H. Kleijn vermoedt dat de plant ooit toegewijd was aan Sint Antonius (‘Teunis’), maar lijkt daarover geen zekerheid te hebben.
Bastiaantje heeft die zekerheid wel, en legt in haar blogje over de uit, dat de plant meestal in bloei komt vanaf 13 juni, de feestdag van Sint Antonius van Padua.

Ook aan volksnamen is er geen gebrek: H. Kleijn noemt in ‘Planten en hun naam’ onder andere: Nachtbloem, Nachtpitjes, Nachtschone, Nachtkaars, maar ook Leliën-van-één-dag en Vier-en-twintig-uursbloemen. Als ik vertel dat de bloemen in de vooravond opengaan, en in de loop van de volgende dag verwelken, hoeft daar allicht geen tekeningetje meer bij.
In het Duits heet de plant trouwens Nachtkerze, en in het Engels Evening primrose.

Maar ook wat de wetenschappelijke benaming betreft is dit een plantje om de etymologische tanden op stuk te bijten:

Sommige auteurs brengen het eerste deel van de naam in verband met ezels en dan zou de plant een ‘ezelsjager’ zijn (-théras: jager, vanger). Een verwante verklaring is die van ‘ezelsbuit’, een plant waar ezels actief naar op zoek gaan.. Andere auteurs zien eerder een verband met het Griekse ‘oínos’, wijn, en geven een verklaring in de zin van ‘naar wijn ruikende wortel’, of ook ‘een plant die zin doet krijgen in wijn’.

(Overigens: in de klassieke oudheid was er wel een plant die Oenothera heette, maar dat was geen teunisbloem, die hier toen immers nog niet voorkwam, maar wel het harig wilgenroosje.)

Foto: David EdwardsCreative Commons License.

Series Navigation<< Reizigers en Cosmopolieten IV: de Amerikaanse eik   |   Reizigers en Cosmopolieten V: De Teunisbloem – Gebruik >>
Deze buttons respecteren je privacy (zie info):
sig

13 thoughts on “Reizigers en Cosmopolieten V: De Teunisbloem (a)

  1. C.A.J.A. Oudemans (Verklaring van de beteekenis der geslachtsnamen, 1899) zegt over Oenothera:
    Oenothera schijnt van het Grieks oioo – stamvorm van oisein, dragen – en niet van oinos, wijn, of onos, ezel te moeten worden afgeleid, omdat allerhande woorden, zoals oinas, eene vogelsoort, oioonos, roofvogel, oistos, pijl, het denkbeeld van door de lucht te zweven in zich vereenigen. En dit denkbeeld dringt zich eveneens aan ons op, als wij de zaden der Epilobia dwarrelend boven ons zien voortsnellen, waartoe zij door hunnen haarkuif in staat worden gesteld.
    Het aanhamgsel thera stamt van thèraoo, jagen, en beteekent ‘jacht’. Het woord Oenothera zou dus door ‘vogeljacht’ of ‘vogeljager’ vertaald kunnen worden, maar dan altijd tot het geslacht Epilobium moeten worden teruggebracht. Onze tegenwoordige Oenothera’s voldoen dus in het geheel niet meer aan de beteekenis die in haar naam ligt opgesloten.
    Wat betreft de naam Teunisbloem, zie het volgende artikel:
    http://home.versateladsl.be/vt640100/antonius-planten.pdf
    In een noot worden ook de de planten geïdentificeerd op het altaarretabel van Matthias Grünewald in Colmar.
    Groet, Rob

  2. @ Artemis: Inderdaad… ik probeer daar in de loop van volgende week nog even op terug te komen!

    @ Rob: Bedankt voor je aanvullingen…
    Wat de wetenschappelijke benaming betreft, wat mij betreft zal de verklaring voorlopig gissen blijven… er zijn dermate veel verklaringen voor terug te vinden, en dat ook in een aantal toch goed gedocumenteerde bronnen

    Wat ‘Teunisbloem’ betreft, blijkens de link die je doorspeelde was mijn twijfel over Sint-Antonius als naamgever dus deels terecht. Voor wie het interesseert, en geen zin heeft om link uit de reactie van Rob helemaal door te spitten (een leuk artikel overigens, over de naamgeving van een heleboel ‘Antoniusplanten’), geef ik volgende week een samenvatting…

    Ook bedankt voor de vlinders. Ik vermoed dat het nachtelijk bezoek van nog veel meer vlindersoorten afkomstig is, want op zoek naar nectar zijn heel wat vlinders toch weinig kieskeurig…

  3. @annetanne
    Is het niet zo dat de teunisbloem het best gedijt in zandgrond? Ik associeer die bloem altijd met de zee en de duinen…
    Elders heb ik nog een teunisbloemen gezien.
    Mooi verhaal over het opengaan van de bloem!

  4. @ Annemie: Teunisbloemen hebben inderdaad een voorkeur voor zandige bodems.
    Jij woont volgens mij in een streek met zware klei, en ik kan me voorstellen dat je daar zelden teunisbloemen ziet, maar hier in de Kempen zie je de plant vaak opduiken op verstoorde bodems.

  5. Ook ik heb de teunisbloem ontdekt. Wat een joekel en wat een pracht plant.
    Op weg naar mijn werk staan er dan van die vlekjes geel langs de weg. Vooral ’s avonds leken ze licht te geven.
    Ik had er 2 geplukt voor in een vaas thuis. Toen las ik ergens dat de bloemen niet meer opengaan als ze geplukt waren.
    Tot mijn grote verbazing stonden ze toch open vanavond.

    De combinatie van zo’n teer bloemetje en zo’n dikke stevige stengel vind ik ook opmerkelijk. De bloemen zijn net vlinders die vastgehouden worden door die stengels.

    Prachtig.

    Het schijnt dat je de bloemen ook kan eten. Iemand ervaring mee?

  6. Ja, mooie bloem hé! Dat de bloemen niet meer opengaan na het plukken, heb ik niet eerder gehoord. Wel is het zo, dat de bloemen maar een dag bloeien… maar de volgende avond openen er alweer nieuwe!

    De bloemen heb ik nog niet gegeten, de wortels wel…

  7. Wat een bijzondere bloem is dit en ook zo mooi als je deze omschrijft. Helemaal zoals ik ook naar kinderen kijk: rustig, in hun eigen tempo tot volle bloei laten komen, omdat ze alle potentie in zich hebben, achteroverleunen en genieten van een keer op keer uniek resultaat. Het bijzondere voor mij persoonlijk is dat ik een jaar voor een jongetje heb mogen zorgen, vanaf vlak na zijn geboorte en zijn naam is Teun. Een prachtig kind, dat iedereen doet stralen, omdat hij zelf zo’n zonnetje is. Door mijn pad te verlichten heeft hij heeft me laten zien dat de tijd rijp was om een kindercoachingspraktijk te beginnen. Die is er nu en ik heb de praktijk opgedragen aan hem: De Teun-is-bloem.

  8. De bladeren van de teunisbloem zijn fijn te verwerken als roerbak groenten , erg lekker .
    De wortel is een delicatesse onder de raapjes/wortelen .
    De bloemen zijn erg lekker door de salade ….Van de wortel kun je ook een aftreksel maken dat de pijnen van artrose verminderd . Teunisbloemolie werkt bij bepaalde exzemen .

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.