Groenkoeken!

Taraxacum officinale - Paardenbloem. Foto: AnneTanne - Creative Commons License

Afgelopen weekend hebben we voor de eerste keer dit jaar weer groenkoeken gegeten, boekweitpannenkoeken met veel vers voorjaarsgroen.

Als Moe, mijn grootmoeder, vroeger pannenkoeken bakte, trok Pa altijd de velden in om kruiden te plukken die hij dan onder zijn eigen portie boekweitbeslag mengde. Ik moet eerlijk zeggen, dat het even geduurd heeft voor ik kon genieten van de typische smaak van die pannenkoeken. Maar tegenwoordig lust ik veel liever koeken met boekweitmeel dan van uitsluitend tarwemeel, en gelukkig wordt die voorkeur gedeeld door man en zoon.

Een anecdote die ik nog altijd graag vertel is de volgende:
Toen zoonlief nog een kleuter was, vroeg hij me een keer in het voorjaar, of ik die dag kruidenpannenkoeken wilde bakken. Ja, daar had ik wel zin in. “En of hij dan mocht helpen om de kruiden te plukken?”
Prima, daar had ik geen bezwaar tegen, en ik stelde voor dat hij duizendblad (geen vergissingen mogelijk!) zou plukken.
Toen we voldoende kruiden verzameld hadden, vroeg hij me vervolgens, of hij ook de kruiden mocht fijnsnijden. Na even aarzelen gaf ik toe, als hij tenminste het ‘lichtblauwe scherpe mesje’ (lees: het onscherpe scherpe mesje) zou gebruiken, en hij zou opletten dat hij niet in zijn vingers sneed.
Waarop hij me aankeek: “Ach mama, en als ik al in mijn vingers zou snijden… Ik heb immers toch duizendblad bij de hand!”
(Duizendblad is als geneeskruid vooral bekend omwille van zijn bloedstelpende eigenschappen.)

Mijn recept

Maak een beslag van 250 gr meel, 2 eieren en een flesje bier. Voeg zoveel melk toe tot je een dun beslag bekomt.
Wat het meel betreft: ik gebruik meestal ongeveer 150 gr boekweitmeel en 100 gr tarwemeel. Als je niet van de boekweitsmaak houdt, kan je de hoeveelheid verminderen. Ik zou niet méér dan 150 gr gebruiken, omdat de pannenkoeken dan hun soepelheid verliezen.
En het bier: pils volstaat, maar als je dat niet in huis hebt (wat ten huize AnneTanne meestal het geval is) volstaat elk ander bier (al heb ik nog nooit een kriek geprobeerd). Zelf vind ik Guinness echt het proberen waard. Desnoods kan je het bier door een glas spuitwater vervangen, maar bier geeft toch een extra accent.

Laat het beslag minstens een half uur rusten, en pluk intussen de kruiden.
De hoeveelheid en de soorten zijn afhankelijk van je eigen voorkeur. Zelf gebruik ik graag erg veel kruiden in de pannenkoeken, zodat ze echt groen van kleur zijn (een flinke slakom vol). Het lekkerst vind ik ze, als er veel bittere kruiden bijzitten: dus (heel) veel paardenbloemblad (van paardenbloemen die nog niet bloeien), barbarakruid, veldkers… Duizendblad (Gerf noemde mijn grootvader dat), eventueel een beetje brandneteltopjes. Ik doe er ook altijd twee (maar nooit meer dan twee!) blaadjes boerenwormkruid bij. Dat smaakaccent hóórt erbij, maar gebruik zeker niet meer dan een klein beetje, omwille van de giftigheid.
Mijn grootvader voegde vervolgens nog ‘pijpkes’ toe, pijpajuin (lenteuitjes, bosuitjes voor de Nederlanders). Ik gebruik wat ik aan alliumsoort voorhanden heb: bieslook, chineesbieslook, en soms – heel soms, want er staat voorlopig niet erg veel van in mijn tuin – ook wat daslookblad.
Hak de kruiden heel fijn, en meng ze onder het beslag. Als het beslag niet meer vloeibaar genoeg is, kan je nog wat melk toevoegen.
Bak de pannenkoeken en… Smakelijk!

Deze buttons respecteren je privacy (zie info):
sig

4 reacties op “Groenkoeken!

  1. Ik heb, geloof ik, nog nooit boekweit gegeten, laat staan gebruikt, maar jouw recept lijkt zo eenvoudig dat ik het misschien toch maar eens moet proberen. Helaas heb ik heel weinig verstand van het verzamelen van kruiden.

  2. Oh ja, de ‘kruidkoek’ van moe en pa, die was toch wel écht lekker !

Reageren niet meer mogelijk