Grassen in mijn hooilandjes

mijn hooilandje - my hay meadowNa Bart en Yo ben ik de grassen in mijn tuin ook eens onder de loep gaan nemen.
Ik heb alleen de hooilandjes van dichterbij bekeken, en over het resultaat heb ik gemengde gevoelens.

Eigenlijk zijn er maar twee grassen die ik zo gauw kan terugvinden. Dat gestreepte witbol helaas nog domineert, dat wist ik al – en dat was ook het enige gras dat ik echt goed kende.
Het andere is gewoon struisgras, en dat vind ik dan toch weer iets meer bemoedigend…
(Ik heb ook een paar stengels glanstarwe, en ééntje Engels raaigras gevonden.)

De voorbije dagen had ik me verdiept in een boek dat ik op vakantie in Frankrijk gekocht heb: “Making Wildflower Meadows” van Pam Lewis. Een interessant boek over het aanleggen van bloemrijke hooilanden. En waar de schrijfster zowat dezelfde houding heeft ten opzichte van Yorkshire Fog als ik ten opzichte van gestreepte witbol (het gaat dan ook om hetzelfde gras), noemt ze Common Bent, gewoon struisgras, als één van de grassen die een goede basis vormen (samen met kamgras en gewoon reukgras) voor een grasmengsel voor een bloemenweide.

En ook als ik mijn hooilandjes classificeer volgens de indeling die je terugvind in de gids voor de ‘Ontwikkeling van waardevol grasland in West-Vlaanderen’, dan klinkt het toch niet helemaal negatief.

In de ontwikkeling van ‘raaigrasweide’ naar ‘botanisch waardevol grasland’ worden verschillende stadia onderscheiden.
De startfaze (0) is (natuurlijk) de raaigrasweide, en daar zijn we hier 12 jaar geleden ook inderdaad van vertrokken.
Als de weide vervolgens verschraald wordt, ontstaat in een eerste faze de grassen-mix, waarin het Engels raaigras tot minder dan de helft is teruggedrongen, en ruw beemdgras de dominante rol overneemt.
Faze 2 wordt – afhankelijk van de ondergrond – witbol-stadium (op veen- en kalkarme zandgrond, hier dus…), vossestaart-stadium (vochtige en matig droge kleigronden) of glanshaver-stadium (matig droge kleigronden en kalkhoudende zandgronden) genoemd.
mijn hooilandje - my hay meadowIn de derde faze, de gras-kruidenmix, komen stilaan andere grassen, met name reukgras, rood zwenkgras en gewoon struisgras hun intrede doen, en de kruidenmix bestaat vooral uit algemene soorten zoals veldzuring, pinksterbloem, scherpe boterbloem.
In faze 4, het bloemrijk grasland, is er dan een fijne mozaïek van grassen en kruiden, en doen schijngrassen zoals zeggen en russen hun intrede.
In uitzonderlijke omstandigheden kan faze 5, het schraalland ontstaat, dat het meest soortenrijk is.

In het hooilandje in de boomgaard is duidelijk nog sprake van faze 2, het witbol-stadium, met een voorzichtige intrede van gewoon struisgras, maar in de voortuin (waar ik toch stilaan over ‘de bloemenweide’ durf spreken) lijkt de overgang naar de gras-kruidenmix stilaan te worden gemaakt. Witbol domineert nog wel, maar op veel plaatsen begint dat gras toch veel dunner te worden, maar het gewoon struisgras is ook duidelijk aanwezig en op het laagste punt komt zelfs een russensoort (kleine veldbies) voor. De kruidensoorten die er groeien zijn inderdaad vooral veldzuring, pinksterbloem en scherpe boterbloem (hoewel de kruipende boterbloem ook nog duidelijk aanwezig is), maar er groeien ook margrieten, brunel, driekleurige viooltjes, knoopkruid, behoorlijk veel beemdooievaarsbek, duizendblad, kleine klaver, een heel klein beetje moerasrolklaver, (te) veel witte klaver, hondsdraf, een enkele basterdwederik, paardenbloem, witte en paarse dovenetel, in de schaduwranden mijn brede wespenorchis, dolle kervel, dagkoekoeksbloem…

Oef… nu ik dit allemaal op een rijtje zet, ziet de situatie er in de voortuin al niet meer zo slecht uit als mezelf even voorhield, toen ik weinig andere grassen dan die vermaledijde witbol kon ontdekken…

Deze buttons respecteren je privacy (zie info):
sig

7 thoughts on “Grassen in mijn hooilandjes

  1. Leuk dat je mijn weblog kwam bezoeken. En weer iemand uit Vlaanderen, een land waar ik steeds meer respect voor begin te krijgen, vooral waar het fotograferende webloggers en webloggende fotografen betreft. Wees welkom!

  2. aha: pinksterbloem, struisgras, scherpe boterbloem, veldzuring. We zitten hier toch al in faze vier. Da’s goed nieuws.
    Hoe heb jij je grassen gedetermineerd Anne (met welk boek/supervergrotend vergrootglas?).

  3. @yo: Ik vrees dat ik daar behoorlijk pragmatisch bij tewerk ben gegaan…

    A: welke grassen zijn het meest algemeen? (Gestreepte witbol en Engels raaigras kende ik al, en ik ging er van uit dat ik geen uiterst zeldzame grasjes als kwispelgerst, dolik, stijf hardgras of laksteeltje – wat zijn dat mooie namen – in mijn tuin zou vinden.)
    B: wat zeggen mijn flora’s daarover? (Heukels en Heimans, Heinsius en Thysse)
    C: wordt mijn determinatie bevestigd door foto’s die ik online vind?
    (En ja, ook een loep bij de hand…)

    Ik heb even getwijfeld tussen gewoon struisgras en het algemenere fioringras, maar fioringras zou lange uitlopers hebben, en gewoon struisgras korte. En één tot vijf centimeter mag ik kort noemen denk ik?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.