De mythe van de meidoorn en het perenvuur

Crataegus monogyna - eenstijlige meidoornMeidoornhagen hebben eeuwenlang deel uitgemaakt van het cultuurlandschap.
Halverwege de vorige eeuw echter, zijn kilometers van deze heggen omgehakt, met de bedoeling om de boomgaarden te vrijwaren van een besmetting met perenvuur, een bacterieziekte die heel veel schade kan aanrichten in peren- en appelboomgaarden.
Maar hoe zinnig was deze heksenjacht?

In de jaren ’50 werd de fruitteelt in Europa voor het eerst getroffen door een epidemie van perenvuur (bacterievuur), die die hectares appel- en perenboomgaarden vernietigde. Maar niet alleen appel en peer, maar ook de meidoorn en andere verwante struiken uit de familie van de rosaceae (roos-achtigen) waren vatbaar voor perenvuur. (Steenfruit, zoals pruimen en kersen, behoren ook tot de familie van de roosachtigen, maar worden niet door bacterievuur aangetast.)

De meidoornhagen rondom boomgaarden werden daarom al snel met de vinger gewezen, als de belangrijkste haard voor de ziekte. Intussen is echter al lang gebleken, dat vuurdoorn (Pyracantha sp.) en dwergmispels (Cotoneaster sp.) veel belangrijker zijn als waardplant voor de ziekte.

Onderzoek in de jaren ’80: ’t Is niet de meidoorn die de peer besmet

Tot aan het einde van de vorige eeuw gold in Nederland de verplichting om alle door bacterievuur aangetaste meidoorns te rooien, en om in streken waar aan commerciële fruitteelt werd gedaan, de struiken heel vroeg te snoeien zodat ze niet in bloei kwamen.
De perenvuurbacterie wordt immers verspreid door bijen, die ze van de ene bloem naar de andere meenemen.

In het begin van de jaren ’80 werden dan een aantal testzones afgebakend: In sommige testzones werden de meidoorns gesnoeid zoals dat wettelijk hoorde. In de overige testzones kregen de meidoorns wel de kans om te gaan bloeien.
Indien de redenering klopte, dat bloeiende meidoorns zouden zorgen voor besmetting van perelaars, zouden in de zones met bloeiende meidoorns ook meer perelaars moeten te vinden zijn die besmet werden.
Maar wat bleek? Het aantal besmette perelaars in de zones met bloeiende meidoorns was vrijwel gelijk aan het aantal in de ‘gesnoeide zones’. Daarentegen zag men wel, dat in de bloeiende zones er wel meer meidoorns geïnfecteerd raakten.
Nader onderzoek wees inderdaad uit, dat perelaars vrijwel altijd besmet worden vanuit andere perelaars, maar ook dat meidoorns worden besmet vanuit perelaars, maar niet omgekeerd.

Op termijn een biologische bestrijding?

Overigens is er wellicht goed nieuws vanwege het ‘biologische bestrijdingsfront’: de afgelopen jaren zijn er een aantal bacteriestammen ontwikkeld die zelf niet ziekteverwekkend zijn, maar wel in staat zijn een besmetting met Erwinia amylovora, de veroorzaker van bacterievuur, te onderdrukken. Onder andere Ecostyle werkt mee aan een onderzoek in dit verband.

Toen iemand mij onlangs vroeg, of ze de twee oude meidoorns bij haar nieuwe huis moest rooien, omdat ze graag een aantal fruitbomen zou willen, heb ik dan ook voluit durven aanraden, om die meidoorns lekker te laten staan.

Veel meer over de meidoorn vind je in mijn oude artikel:

Deze buttons respecteren je privacy (zie info):
sig

8 reacties op “De mythe van de meidoorn en het perenvuur

  1. eindelijk nog eens een goede samenvatting ivm die perenvuurhistorie! Wij hebben hier trousens een oudstrijder staan: 64 meter meidoornhaag, geplant in 1900. Ik ben er nog altijd blij mee, behalve als het tijd is om ze te snoeien, dat is bij gebrek aan professioneel materiaal toch een beetje een miserie…

    • johan dehaeseleer

      20 juni 2009 at 15:48

      ik als ervaren fruitteler geloof niet dat de meidoorn voor de infecties zorgt!

      het is de pest als je op zelf honderden meters van je perenplantages hebt staan, gedurend zit je met infecties en moet je de geïnfecteerde takken wegsnoeien en verbranden!

      Leuk is wat anders

  2. het laatste wat ik daarover gelezen had was dat de juniperus er voor iets tussen zat. Laat zelf -uiteraard- de meidoorn met rust.

  3. Ik dacht ook dat het van de jeneverbes kwam,tot ik de mythe van de meidoorn hoorde.En het klopt, meidoorn geplant en geen peren meer.Dus heb ik vorig weekend de meidoorn vernietigd, en ben nu benieuwd of we nu terug peren zullen hebben.

  4. Henny Ketelaar

    21 november 2013 at 19:28

    Er is ook een aandachtspunt en dat geldt de herkomst van meidoornplanten. In de kwekerijen worden enorme hoeveelheden meidoorn gekweekt waarvan het zaad afkomstig is uit klimatologisch andere gebieden, met name mediterrane streken. Puur economische redenen: het zaad is relatief goedkoop, in ieder geval goedkoper dan zaad van oorspronkelijke inheemse meidoorns en ze groeien in hun startfase veel sneller dan de autochtone planten. Omdat ze uit een klimatologisch ander gebied komen, reageren ze ook anders op de omstandigheden hier en zijn bevattelijker voor ziekten. Italiaanse meidoorn is op zich geen slechte plant, maar is alleen niet aangepast aan de omstandigheden hier, terwijl de autochtone meidoorn (en andere soorten) een aanpassingsproces van duizenden jaren achter zich hebben. Daarnaast is het feit dat veel fruitboomgaarden tegenwooordig laagstam “speed”bomen zijn die binnen de korste keren moeten dragen en na zo’n 12 jaar weer worden gerooid omdat hun productie minder wordt terwijl de oude hoogstammen wel 60-100 jaar bleven staan. Die twee factoren kunnen op elkaar inwerken met kwetsbaarheden voor plagen en ziekten. Blijft het feit dat meidoorn onterecht beschuldigd wordt als de veroorzaker van bacterievuur. Vraag wél bij de aanschaf van je planten naar autochtone meidoorns met een certificaat, in Nederland autochtoon NAK-t en in België met een certificaat planten van hier. Alleen een mededeling van een kweker dat het streekeigen planten zijn, zegt op zich niet zoveel. Wat betreft nog een vraag over het bloesemen. Het duurt meestal 4-5 jaar voordat een plant voor het eerst tot bloei komt. dat geldt ook voor veel andere struiksoorten. Wanneer je snoeit haal je vaak het hout weg waarop de plant het jaar daarop zal gaan bloeien.

  5. Goedemiddag allemaal,

    Van de crataegussoorten zijn de volgende inheems of al eeuwenlang in cultuur:Crataegus laciniata,Crataegus laevigata(tweestijlige meidoorn),Crataegus monogyna(eenstijlige meidoorn)en crataegus X lavallei.

    m.v.g.
    hans.

  6. Beste Anne,

    Kan je ook aangeven welk onderzoek/welke studie aantoont dat de besmetting van perelaar naar meidoorn loopt en niet omgekeerd?
    Alvast beste dank.

Reageren niet meer mogelijk