Echinacea, Rode zonnehoed – Echinaceae purpurea

Het zou mij niet verbazen als Echinacea op dit ogenblik één van de meest gebruikte en bekende geneeskruiden is, en het mag dan in deze kruidenmand ook niet ontbreken.

Beschrijving

Echinacea purpurea - Rode zonnehoed. Foto: AnneTanne - Creative Commons LicenseEchinacea is een in onze streken winterharde vaste plant. De plant wordt zowel gekweekt om haar sierwaarde als om haar medicinale kwaliteiten, en is oorspronkelijk inheems in het Midwesten van Noord-Amerika.

Van de negen Echinacea-soorten zijn er drie die voor medicinaal gebruik worden gekweekt, nl de E. purpurea, de E. angustifolia en de E. pallida. Ze zijn vooral van elkaar te onderscheiden door hun hoogte en de kleur van hun pollen: De E. pallida en de E. purpurea zijn duidelijk groter dan de E. angustifolia, die niet hoger wordt dan een halve meter. De E. purpurea en de E. angustifolia hebben geel stuifmeel, terwijl dat van de E. pallida wit is (vandaar trouwens ‘pallida’ = ‘bleek’). De combinatie van beide kenmerken laat dus toe de soorten van elkaar te onderscheiden.

Teelt en Oogst

Echinacea heeft een voorkeur voor een rijke, doch goed doorlatende grond. Vooral de E. purpurea is erg gemakkelijk te kweken. Het is een plant die perfect op haar plaats is in een siertuin. Vermeerderen kan door zaaien in het voorjaar, door scheuren in de herfst of door wortelstek in de winter.

De bovengrondse delen worden verzameld bij het begin van de bloei, en de wortelstokken worden in de herfst geoogst.

Medicinaal Gebruik

Inhoudstoffen

  • Polysacchariden met immuunstimulerende en mild ontstekingswerende eigenschappen. (vooral in de wortels)
  • Flavonoïden (o.a. rutoside), vooral aanwezig in de bovengrondse delen.
  • Caffeïnezuurderivaten, waaronder echinoside, cichoreizuur, chlorogeenzuur en cynarine.
  • Essentiële oliën, waarvan het gehalte sterk verschilt naar gelang van de soort, van minder dan 0.1 procent in E. angustifolia tot meer dan 2 procent in de wortel van E. pallida. Het gehalte zou bovendien varieren naar gelang van de periode van het jaar.
  • Polyacetylenen
  • Alkylamines
  • Andere bestanddelen,
    waaronder de alkaloïden tussilagine en isotussilagine, harsen,
    glycoproteïnes, sterolen, mineralen en vetzuren.

Eigenschappen

Echinacea is vooral bekend omwille van zijn immuunregulerende eigenschappen. Zonder in detail te treden kan gesteld worden dat Echinacea op talrijke onderdelen van het immuunsysteem een positief effect uitoefend. Een uitgebreid overzicht hiervan is te vinden in het boek van M.
Murray (zie Bronnen)

Behalve de weerstandsverhogende eigenschappen van het kruid, zijn nog enkele andere eigenschappen het vermelden waard: bevorderen van weefselregeneratie, ontstekingswerende, antivirale en antibacteriële eigenschappen. De activiteit tegen kanker die soms vermeld wordt is waarschijnlijk een gevolg van de stimulering van het immuunsysteem.

Gebruik

Echinacea wordt al zeer lang gebruikt, en met bewezen effect, om infecties te behandelen en te voorkomen. Onderzoek heeft aangetoond dat Echinacea effectief is bij griep, verkoudheid, infecties van ademhalingswegen en urinewegen en andere infecties. Hierbij speelt zowel een rechtstreeks effect op het infectieus agens als een stimulering van het immuunsysteem een rol. Dit geld ook voor het gebruik bij wondbehandeling.
De Noord-Amerikaanse indianenstammen passen het kruid ook toe bij slangenbeten, en met succes: Echinacea werkt hyaluronidase, een
bestanddeel van veel soorten slangengif, tegen. (Hyaluronidase breekt het bindweefsel tussen cellen af.)

Eén van de nadelige effecten van bestraling en chemotherapie bij kanker, is dat ze de aantallen witte bloedcellen verlagen. Echinacea zou dit effect wellicht kunnen tegengaan, en inderdaad zijn er de laatste jaren al meerdere studies verschenen die het vermoeden ondersteunen dat Echinacea een gunstige ondersteunende rol kan spelen in combinatie met klassieke kankertherapieën.
Echinacea purpurea - Rode zonnehoed. Foto: Zeitspuren - Creative Commons License
In hoeverre Echinacea gunstig of ongunstig inwerkt bij AIDS, is nog niet met zekerheid bekend. Bepaalde aspecten van de werking van Echinacea, en met name de stimulatie van de productie van tumor-necrosis-factor (TNF) en van de vermenigvuldiging van T-cellen, zouden immers ook de vermenigvuldiging van het AIDS-virus kunnen bevorderen.

Heel vaak wordt gezegd dat Echinacea niet chronisch mag worden toegediend, doch dat er regelmatig een pauze moet worden ingelast. Een artikel in het ‘European Journal of Herbal Medicin’ spreekt deze stelling tegen, en verklaart dit als volgt:
In de tijd van de ‘Eclectici’ werd Echinacea vaak zeer langdurig gebruikt, zonder dat er een vermindering van het effect leek op te treden. In 1989 verscheen er echter een studie in het ‘Zeitschrift für Phytotherapie’, waarvan de conclusies op zijn minst discutabel zijn. Het effect van Echinacea op de fagocytose werd vergeleken met het effect van een placebo. Enerzijds vergeleek men het effect van een inspuiting met Echinacea met een placebo, anderzijds dat van oraal toegediende Echinacea. Echinacea werd gedurende 5 dagen toegediend. Bij oraal toegediende Echinacea zag men een stijging fagocytose tot aan de vijfde dag, en vervolgens een daling. Bij de ingespoten Echinacea zag men een stijging tot aan de vierde dag, een geringe daling op de vijfde dag, en daarna een verdere daling. Op basis hiervan werd vervolgens geconcludeerd dat het lichaam reeds na korte tijd gewend is aan Echinacea, en dat het effect vervolgens afneemt, maar nog gedurende minimaal twee weken hoger blijft dan normaal.
De kritiek op deze conclusie is de volgende: In de eerste plaats ziet men in dat deel van het onderzoek waar men Echinacea oraal toedient, dus op de wijze die normaal wordt toegepast, pas een vermindering van de fagocytose nadat er geen Echinacea meer wordt toegediend. In het deel van de studie waar men het effect van geïnjecteerde Echinacea bestudeerd (een toedieningswijze die in de praktijk eigenlijk nooit gebruikt wordt) ziet men weliswaar terug een zekere afname van het effect voor de toediening gestaakt wordt, doch deze is niet met zekerheid significant te noemen, en met andere opvallende resultaten werd geen rekening gehouden: Zo blijkt bijvoorbeeld dat het effect van oraal toegediende Echinacea ruim 6 keer hoger is dan dat van Echinacea die per injectie is toegediend.
Een veel nauwkeuriger conclusie van het onderzoek zou dus de volgende kunnen zijn:

  • Echinacea stimuleert de fagocytose veel effectiever indien oraal toegediend dan indien een extract wordt geïnjecteerd.
  • De fagocytose wordt duidelijk gestimuleerd gedurende de volledige toedieningsduur van het (orale) preparaat.
  • De stimulering van de fagocytose vermindert weliswaar na het staken van de orale toediening, doch blijft nog enkele weken duidelijk verhoogd t.o.v. de normale graad van fagocytose.
  • Op geen enkel ogenblik daalt de fagocytose onder de normale graad van fagocytose, dus er kan geenszins sprake zijn van ‘uitputting van het immuunsysteem’ zoals soms wordt gezegd.

Deze conclusies worden nog eens onderstreept in een artikel uit 1996, waarin blijkt dat na 12 weken toediening van Echinacea het effect groter is dan na een toediening van 2 weken.

Ik kan de voorgaande conclusies bevestigen vanuit mijn eigen ervaring en die van andere ouders van jonge kinderen: Kinderen die vanaf het najaar tot na de winter continu Echinacea krijgen toegediend, blijken veel minder last te hebben van verkoudheden en andere infecties, dan kinderen die slechts gedurende een week per maand een preparaat krijgen.

Waarschuwing

Hoewel Echinacea gewoonlijk beschouwd wordt als een veilig kruid, is voorzichtigheid echt wel geboden in een aantal omstandigheden waarin de immuniteit onderdrukt of anderszins aangetast is.

Enerzijds kan je hierbij denken aan patiënten wier immuniteit ‘kunstmatig’ onderdrukt wordt, bijvoorbeeld na een transplantatie.

Anderzijds gaat het om mensen die een auto-immuunziekte hebben, zoals bijvoorbeeld Lupus… Maar ook sommige schildklieraandoeningen (ziekte van Hashimoto) kunnen een auto-immuuncomponent hebben.

Geert Verhelst noemt als verdere contra-indicaties ook andere evolutieve systemische aandoeningen zoals bv Multiple Sclerose, en ziekten als tuberculose, leukose, kanker en leukemie, AIDS/HIV, en nieraandoeningen.

Ook mensen die allergisch zijn voor (andere) composieten, moeten wat voorzichtigheid in acht nemen bij het gebruik van Echinacea, omdat soms een kruisallergie optreedt. Bovendien kunnen ook aandoeningen passend bij een atopische constitutie (constitutioneel eczeem, sommige vormen van astma) verergeren door Echinacea.

Een uitgebreidere bespreking van deze waarschuwing lees je in mijn Kruidenklets van 26 april 2007.

Naamgeving

De Geslachtsnaam ‘Echinacea’ is afgeleid van het Griekse echinos, ‘zeeëgel’. De reden voor die benaming is te vinden in de prikkende schubben van de gedroogde zaadhoofdjes van de plant.

Ook de soortnamen zijn vlot verklaarbaar: ‘purpurea’ verwijst naar de paarse kleur van de bloem (hoewel alle soorten paars zijn, op de Echinacea paradoxa na, die geel is). De soort ‘angustifolia’ heeft smallere (angustus = smal) bladeren (folia), en de soort ‘pallida’ heeft een bleker hart (pallidus = bleek), omdat het stuifmeel bij deze soort niet geel, maar wit is.

De Nederlandse benaming is van recente datum, en dus heel gemakkelijk begrijpbaar en slaat natuurlijk op de vorm van de bloem, die met haar teruggeslagen lintbloemen inderdaad op een Mexicaanse Zonnehoed lijkt.
In het Engels wordt de plant Purple Coneflower genoemd, en ‘cone’ verwijst naar het kegelvormige hartje van de bloem.

Volksnamen

Nederlands: Rode Zonnehoed
Engels: Black Sampson, Coneflower, Kansas Niggerhead, Kansas Snake Root, Narrow Leaf Echinacea, Narrow-leaved Purple Coneflower, Purple Coneflower, Rudbeckia, Sampson Root, Wild Niggerhead
Duits: purpurfarbene Kegelblume
Frans: Rudbeckie pourpre

Dat de plant in Europa onder relatief weinig verschillende namen bekend is, heeft allicht te maken met het feit dat ze pas eerder recent hier is geïntroduceerd.

Geschiedenis en Folklore

Echinacea purpurea - Rode zonnehoed. Foto: AnneTanne - Creative Commons LicenseOmdat Echinacea een plant is die uit Noord-Amerika afkomstig is, zijn er geen oude geschreven bronnen over het gebruik ervan.

De oorspronkelijke Amerikanen gebruikten Echinacea in kruidenaftreksels, mondwaters en compressen en behandelden er hoest, verkoudheid, angina, ontstekingen van het tandvlees, brandwonden, en beten van slangen en insecten mee.
De stammen van de vlakten goten water, waarin
Echinacea-wortels geweekt waren om over de gloeiende stenen te gieten tijdens zweethut-ceremonies. Ze gingen ervan uit dat de ontstane stoom voor een bijkomende zuivering zorgde.

Bij de blanke bevolking van Noord-Amerika ontstond pas belangstelling voor het kruid nadat Dr H.C.M. op het eind van de 17de Eeuw een patent nam op het kruid onder de naam ‘Meyer’s Blood Purifier’. Meyer illustreerde zijn vertrouwen in zijn eigen brouwsel door zich door een aantal ratelslangen te laten bijten en zichzelf enkel met Echinacea te behandelen.
Meyer kwam in contact met een groep artsen die zichzelf
‘eclectici’ noemden, en die hoofdzakelijk kruidenremedies gebruikten om allerhande aandoeningen te behandelen. Hij werkte vooral samen met een Dr Kind en de gebroeders Lloyd, die ook erg enthousiast waren over het middel dat Meyer bereidde.
Eén van de broers Lloyd identificeerde de plant uit het brouwsel van Meyer als de Echinacea angustifolia. Nadat de plant was geïdentifideerd raakte ook Dr King in het kruid geïnteresseerd omdat hij wanhopig op zoek was naar een geneesmiddel voor zijn vrouw die aan ovariumkanker leed. Hij heeft haar dan ook met de tinctuur behandeld, en hoewel ze uiteindelijk stierf, werd ervan uitgegaan dat het kruid haar leven wel had verlengd.

In de 19de Eeuw werd het kruid gebruikt bij de behandeling van koorts, zweren, verbranding met gifsumak (Poisoned Ivy, geslacht Toxicodendron),
ontstekingen en baarmoeder infecties. Echinacea genoot in de V.S. een steeds groeiende populariteit, hoewel de conventionele geneeskunde nauwelijks waarde hechten aan haar reputatie, en de opkomst van de antibiotica in de jaren 30 van de 20ste Eeuw deden het gebruik opnieuw zeer sterk afnemen.
Pas in de zeventiger jaren werd het kruid opnieuw populair, en wetenschappelijk onderzoek toonde al snel de waarde ervan aan. Op dit ogenblik is het in de Verenigde Staten (en waarschijnlijk ook in Europa) het meest gebruikte medicinale kruid. In de V.S. zou jaarlijks ongeveer 300 miljoen dollar worden uitgegeven aan allerhande producten op basis van Echinacea.

Symbolisch Gebruik

Ondanks het feit dat Echinacea voor de oorspronkelijke Amerikanen reeds een uiterst belangrijke plant was, is er niet veel terug te vinden over
het magische gebruik van de plant. Toch kan je vanuit het gegeven alleen al dat het kruid zo belangrijk was, besluiten het kruid te gebruiken om bezweringen en rituelen extra kracht te geven, of om het als loutere offergave te benutten.

Een andere manier om de plant in haar magische aspecten te benaderen, is uit te gaan van haar uiterlijke verschijningsvorm.
En vanuit dat gezichtspunt valt al snel op hoe alles aan de plant op ‘kracht’ wijst: niet alleen is het een vrij hoog uitgroeiende plant, die geen enkele steun nodig heeft om overeind te blijven, maar ook de paarse-rode kleur van de bloemblaadjes, in combinatie met de oranje meeldraden in de buisbloemen stralen kracht uit. Voeg daar nog bij de harde, stekelige schubben in de zaadhoofdjes, en de capaciteit van de plant om volle zon, droogte, arme bodem en stevige vrieskou te verdragen. Uit deze elementen kan je besluiten dat je de magische kracht van Echinacea zeker kan benutten op die ogenblikken dat je mentale of fysieke weerstand, en een extra portie zelfvertrouwen nodig hebt.

Deze buttons respecteren je privacy (zie info):
sig

37 reacties op “Echinacea, Rode zonnehoed – Echinaceae purpurea

  1. Hoi, ik wil graag weten of ik Echinacea moet snoeien, en zo ja, hoe en wanneer?

    dank!

    met hartelijke groet,
    Nicole de Jong
    Berg en Dal

  2. Echinaceae is een vaste plant, die bij ons wel winterhard is, maar wel elk najaar bovengronds afsterft. Snoeien is dan ook niet nodig. Natuurlijk mag je in de loop van het bloeiseizoen wat bloemen afsnijden: Echinaceae is uiteindelijk ook een mooie snijbloem. Als je dat doet, zal de plant eventueel wat langer bloemen blijven vormen. Nadeel is wel, dat ze dan aan het eind van het groeiseizoen een minder krachtige wortel heeft, omdat ze extra bouwstoffen heeft moeten gebruiken om bloemen te vormen.

  3. Ik las op de site http://mens-en-gezondheid.infonu.nl/alternatief/11157-afweersysteem-verhogen-met-echinacea-purpurea.html

    dat het dus bij langdurig gebruik slecht kan zijn voor de lever??

    Is dit zo, is dit ooit bewezen?

    Ik gebruik het namelijk al superlang, ik voel me er fitter door, en naar mijn weten heb ik geen last van mijn lever (nog niet).

    Vg,
    Josh.

  4. @JOshua: mij is hierover alvast niets bekend.
    In het Handboek geneeskrachtige planten van Geert Verhelst lees ik:

    – Er is geen chronische toxiciteit vastgesteld in dierproeven.
    – De pyrrolizidine-alkaloïden hebben geen 1,2 onverzadigde necine-ring en worden derhalve niet als hepatoxisch aanzien.

    Als ik via Google-scholar zoek op ‘hepatoxicity’ en ‘echinacea’ vind ik een paar hits die eveneens zeggen dat echinacea mogelijk hepatotoxisch (giftig voor de lever) zou zijn, maar nergens wordt het echt bevestigd.

  5. Ik heb lichen planus (een huidziekte, die ook de slijmvliezen aantast. Ik heb gedurende 6 maanden druppeltjes echinacea gedronken opgelost in water en ik kreeg nieuwe symtomen van de ziekte bij. Vlekken op de rug. Zou dit tengevolge zijn van die druppeltjes? Nu durf ik geen meer innemen alhoewel dit het immuunsysteem zou ondersteunen en lichten planus een auto-immuun ziekte is.

  6. Voor welke doeleinden kan men de witte variant – echinacea pallida, gebruiken. Heeft die dezelfde werking als de purpurea?

  7. Naar ik teruglees in het boek van Murray, zouden de medicinale eigenschappen van de verschillende soorten zeer gelijklopend zijn. Als ik iets meer tijd vind straks, kijk ik na of er specifieke verschillen genoemd worden.

  8. Beste,

    Mag mijn dochtertje van 15 maand echinacea krijgen?

    Dank voor uw antwoord

    Met vriendelijke groeten

    Ellen Vandersichel

  9. @Ellen Vandersichel: Voor zuigelingen en peuters raadt Geert Verhelst aan, om enkel Echinacea te geven op voorschrift van een arts die voldoende vertrouwd is met fytotherapie.
    Wanneer het toch wordt gegeven aan kinderen van 15 maanden, raadt hij een dosering van 1/10 van de volwassen dosering aan (“leeftijd in maanden, maal de volwassen dosering, gedeeld door 150”).
    Zelf zou ik geneigd zijn om te wachten tot de leeftijd van 2.5 jaar vooraleer Echinacea te geven.

  10. Hallo iedereen,
    Naar aanleiding van einwerk Herboristenopleiding ben ik op zoek naar alle info over Echinacea.
    Zowel, botanische kennis, kweken, recepten, gebruik, uw ervaringen goed en slecht, media, geschiedenis, wetenschappelijke werken, …
    Alvast bedankt!
    kathalyn at lucdutry punt be

  11. Beste,

    Daar ikzelf over een mooie struik beschik van Echinacea purpurea zou ik graag vernemen wat er met de platen kan worden gedaan. Welke bestanddelen kunnen er gebruikt worden (wortel, boemblaadjes, stengel, meeldraden…) en hoe moet dit gebeuren: drogen, in thee vorm, tinctuur…
    Dank voor de reactie.

    Lika

  12. @lika: Ben je zeker dat het om Echinacea purpurea gaat? Echinacea is immers geen struik, maar een vaste plant, en sterft dus bovengronds af in de winter.
    Als je bovenaan dit artikel op ‘recepten‘ klikt, vind je alvast een paar toepassingen.
    Voor Echinacea-bereidingen worden zowel de bladeren, de bloemen, de wortels of eventueel het volledige kruid toegepast.
    Op dit tijdstip van het jaar is de bovengrondse plant aan het afsterven, en zijn de bovengrondse delen dus niet meer waardevol. Je zou de wortels kunnen gebruiken, maar dat gaat dan dus ten koste van (een deel van) de plant voor volgend jaar.

  13. Beste,
    Is er ergens een onderzoek te vinden die de inhoudsstoffen per plantendeel kruid en wortel, blad, bloem,… En ook per soort angustifolia, purpurea, pallida?
    Om te weten wat nu ahv inhoudstoffen best werkt naar immuniteit, naar infecties, wondjes,…?
    Dank u!

  14. @kathalyn: Misschien dat je in Dr Duke’s database wel iets vindt? Of je zou hem kunnen mailen (jimduke apenstaart cpcug punt org).

  15. Zou het ook helpen ter voorkoming van besmetting met het Noro virus.
    Ik neem het nu al tegen verkoudheden, die ik minder en minder heb.

    • Hier durf ik niet bevestigend op antwoorden. Het norovirus is typisch een maag-darmvirus, en Echinacea versterkt toch vooral de weerstand in het lymfatisch systeem rondom de bovenste luchtwegen. Vooral helpend bij alles wat met ‘gezwollen klieren’ rond de neus-keelholte te maken heeft dus.

  16. Beste, mijn vraag was of echinaforce in tabletvorm ook te gebruiken is door hooikoortspatienten, ivb met histamine

    gr pedro

  17. Hoi Anne,

    Het is toch bekend dat er in bloemen, planten, stoffen zitten die hooikoorts verergeren, ik bedoel dus die Rode Zonnehoed zou die stoffen ook kunnen bevatten, ik dact dus dat die stoffen histamines waren,

    gr pedro

  18. Histamine is inderdaad een (lichaamseigen) stof die hooikoorts verergert.
    Histamine wordt aangemaakt in je lichaam, maar histamine kan ook ontstaan uit histidine, een aminozuur dat in ALLE eiwitten voorkomt.
    Dat histamine wordt echter alleen gevormd door een fermentatie/vergisting van die eiwitten.
    Normaal gezien zal er in de fabrikage van echinacea-tabletten nergens gebruik gemaakt worden van een gistingsproces, en hoef je hiervoor niet bang te zijn. Maar voor preciese informatie over hoe de Echinacea-tabletten van Dr Vogel (Echinaforce) gefabriceerd worden, moet je toch bij de fabrikant zijn hoor!

    Overigens vind je op deze site nauwelijks informatie over het gebruik van gestandaardiseerde preparaten, maar heb ik het vooral over het gebruik van het ‘niet-fabrieksbewerkte’ kruid.

  19. Welk deel van de plant moet ik gebruiken als ik een geneesmiddel wil maken?

    • Afhankelijk van de bron wordt zowel de wortel als de bovengrondse delen gebruikt.
      De natuur is nu al wat op terugweg, dus nu zou ik eerder de wortels gebruiken. Vroeger in de zomer kan je het bovengrondse kruid benutten.

  20. Hoi Anne,

    Mijn echtgenoot en ik gebruiken al sinds enkele jaren het voedingssupplement Echinacea forte+ van Quotis. De dosering is 1 capsule per dag. Onze vraag is: doen we hier goed aan?

    Met vriendelijke groet,
    Ineke

    • @Ineke: Wetenschappelijk onderzoek heeft de werkzaamheid van Echinacea aangetoond.
      Echter: onderzoek naar lange-termijn effecten (in positieve of negatieve zin) is er niet. Op deze vraag is dus eigenlijk geen antwoord te geven…

  21. Does the use of echinacea tablets color your urine more yellow than normal?

    • I never heard about that… Could be due to another ingredient of the tablets, to the condition that was the reason to take the tablets, or to something completely different…

  22. ook bij plantenmedicijnen is eindeloos doorgebruiken niet aan te raden
    (de vraag stellen is het antwoord geven) probeer perioden zonder planten,wissel van plant en
    probeer verbetering in je voedingsgewoonten aan te brengen zodat je vanbinnenuit meer weerstand opbouwt

  23. ik heb echinaforce gekocht om meer weerstand op te bouwen en nu na een flinke griep.
    Mijn zus heeft dit ook een paar keer gebruikt: zij heeft ms in de primair secundaire vorm. hyierdoor heeft ze ernstige tremoren aan haar handen met name.
    Het viel ons op dat de tremoren minder zijn geworden.
    Heft u dit al eerder gehoord of is gedachte van het minder worden een fictie? Kan het middel ook ontspannend werken voor haar?
    Is gebruik voor haar schadelijk? Zij gebruikt enkel betaferon sc. om de twee dagen.
    Ik wacht uw antwoord af en met vriendelijke groeten,
    Bernadette Soethaert

    • Bernadette,
      Ik durf hier uit eigen kennis en ervaring niets over zeggen, maar zoals ik hierboven al schreef: Geert Verhelst noemt als verdere contra-indicaties ook andere evolutieve systemische aandoeningen zoals bv Multiple Sclerose, en ziekten als tuberculose, leukose, kanker en leukemie, AIDS/HIV, en nieraandoeningen.

      Ook de Amerikaanse National Multiple Sclerosis Society raadt het gebruik van Echinacea door MS-patienten eerder af. Ze zeggen dat – vermits Echinacea het immuunstelsel stimuleert – het bij MS-patienten alvast het theoretische risico inhoudt dat de ziekte zou verergeren. MS is immers een auto-immuunaandoening.
      Als je het Engels voldoende machtig bent, kan je dit artikel over kruiden en MS wellicht een keer doornemen.

  24. Hallo

    Ik heb in februari voor een aankomende verkoudheid echinaforce gebruikt. Ik had ook erge last van pollen (in februari begint dit al en eindigt als er geen gras meer bloeit).
    Ik merk dat ik geen medicijnen voor hooikoorts meer hoef te gebruiken sinds ik echinaforce gebruik. De klachten zijn zo goed als over. Ik heb al jaren heel erg last van hooikoorts, ik ben 64 jaar. Hoe is dit te verklaren?

  25. Will KLein Sprokkelhorst

    9 mei 2012 at 07:43 Beantwoorden

    Beste Anne
    Mijn man heeft lichen planus diagnose gekregen en ik denk er aan om zijn lever te ontgiftigen met mariadistel en hem echinacea te geven maar twijfel hier wat aan omdat het een autoimmunziekte is en de granulocyten en lymfocyten toch al te sterk reageren bij deze ziekte.
    zou het kunnen dat echinacea dan juist verergerd? Maakt Echinacea histamine vrij uit mestcellen?

    Heb je ervaring?

    • Nee, hiermee heb ik helemaal geen ervaring.
      Ik ga ook niet in op vragen als deze, daar ik hierin absoluut niet onderlegd ben, en ik het niet verantwoord vind om van op afstand advies te geven.

  26. Ik zou graag zelf echinaceatinctuur maken. Ik heb begrepen dat men alle delen van de plant dient te gebruiken. Nu lees ik dat men de wortel best in het najaar oogst en de plantdelen in juli. Hoe los ik dit best op?

    • Eigenlijk een vraag uit twee delen:
      1) Welke delen gebruik je best?
      – Geert Verhelst geeft hierover aan, dat bij E. purpurea de actieve bestanddelen vooral in de bovengrondse plantendelen zitten, terwijl die bij E. pallida en E. angustifolia vooral in de wortelstokken worden teruggevonden.
      – Michael Murray daarentegen zegt, dat de meeste laboratoriumstudies aantonen dat de stoffen die het immuunsysteem ondersteunen vooral in de wortel van E. purpurea wordt aangetroffen. Hij voegt er echter aan toe, dat die studies zich gewoonlijk baseren op vers geperst sap.
      M.a.w. omtrent deze vraag bestaat geen duidelijkheid…

      2) van welke delen (dus) tinctuur maken?
      Als je Geert Verhelst volgt, maak je van E. Purpurea best een tinctuur van de bovengrondse plantendelen (dus in het voorjaar), en van E. pallida en E. angustifolia van de wortel (en dus in de herfst).
      Wil je echt alle delen gebruiken, dan bereid je een deel tinctuur in het voorjaar van het kruid, en een deel worteltinctuur in het najaar, en die voeg je vervolgens samen…

  27. Beste AnneTanne,

    Is u bekend of echinaforce gebruikt mag worden bij het chronisch vermoeidheidsyndroom?

    Alvast hartelijk dank voor het antwoord,

    Groeten, Suzan

  28. werking van ech pur op het brein, de psyche?

Laat een reactie achter op kathalyn Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge