Tag: Jac. van Looy

Papaver-bed

klaprozen. Foto: Auntie P. - Creative Commons LicenseBlank, scharlaken, woest en vredig
Franjig, strokig, effen, ledig,
Wapenig, vol walmen;
Staan zij naar de zomer luchtend,
in de windeloze uchtend,
Opgericht als palmen.

’t Rusteloze vliegendom
Gromt en glinstert al alom
En beweegt zich vinnig
Om het groene tonnetje
Met het straalswijs zonnetje
In elks midden innig.

Even buigen ze als de last
Van een stoere hommelgast
In hun weelde wentelt,
Maar zodra de grabbelpoot
Gaat, bevracht met bijenbrood,
Staan zij weer gekenteld.

Als een vlinder uit zijn pop
Botten zij uit lob na lob,
Tuimlend langs de stengels;
Waar de zwak-gehalsden tinklen,
Zilverharig en ontkrinklen,
Worden bolle bengels.

Lees verder “Papaver-bed”